Een kind of jongere met een licht verstandelijke beperking denkt minder snel dan een leeftijdgenoot die normaal begaafd is.
Ze kunnen zich niet of minder goed aanpassen aan de eisen van hun omgeving.
De ander merkt dat het kind dingen niet begrijpt, zich niet aan afspraken houdt of heel vaak heel boos wordt.
Heeft meer moeite met leren dan andere kinderen van zijn/haar leeftijd.
Heeft moeite met het begrijpen van taal (snappen wat iemand zegt).
Vooral spreekwoorden en grapjes zijn lastig te begrijpen.
Heeft moeite met schrijven en het maken van rekensommen.
Leeft van dag tot dag en begrijpt weinig van ‘tijd'.
Klokkijken, op tijd komen en je aan afspraken houden is lastig.
Houdt zich niet aan afspraken. Niet omdat hij/zij dat niet wil, maar omdat hij/zij de afspraak niet heeft onthouden of begrepen.