Probeer er een sport van te maken om iedere dag meer complimentjes en positieve reacties te geven dan bestraffingen en negatieve opmerkingen.
Natuurlijk moet je af en toe eens streng optreden, maar zorg dat het een positieve uitkomst krijgt.
Accepteer het kind zoals het is.
Sommige kinderen zijn nu eenmaal drukker dan anderen.
Kijk ook naar de leuke dingen van een kind.
Reageer positief als ze iets willen vertellen, laten zien of vragen.
Even aankijken, knikken, of een glimlach kunnen al voldoende zijn voor een prettige sfeer.
Probeer zoveel mogelijk op te letten wat het kind goed doet.
Geef onmiddellijk een complimentje, waarbij je het goede gedrag benoemt.
Schakel drukke kinderen in bij activiteiten die ze aankunnen (tafel dekken, gras harken, boodschappen dragen) en toon waardering voor deze inzet.
Maak onderscheid tussen gedrag en persoon.
Geef een druk kind elke dag de kans om zoveel mogelijk uit te razen, te dollen, te ravotten.
Gun ze daarom momenten waarop het wel mag.